Door: Henk Cornelissen, Director Consulting Expert Asset Data Management & Geo-ICT bij CGI
Het energienet kraakt in zijn voegen. De urgentie is enorm: zowel het midden- als laagspanningsnet zit tjokvol door zonnepanelen, laadpalen, warmtepompen, zonneparken en de snelle elektrificatie van onze samenleving. Het is een enorme uitdaging om de netcongestie op te lossen. Netuitbreidingen en verzwaringen zijn noodzakelijk. Een gouden kans voor aannemers om aantrekkelijke en langdurige contracten af te sluiten met netbeheerders. Maar om écht te kunnen aanhaken, zijn rigoureuze stappen nodig op het pad van automatisering en digitalisering. Het tijdperk van tekeningen en CAD voor kabels en leidingen loopt op zijn eind. Welkom in het datagedreven werken!
Eén van de diverse maatregelen van de netbeheerders om de netcongestie op te lossen en de energietransitie te faciliteren zijn netuitbreidingen en verzwaringen. Het is ook de meest drastische. Wie vandaag door een willekeurige Nederlandse wijk loopt, denkt: overal wordt gegraven, sleuven gaan open, kabels worden vervangen, nieuwe stations geplaatst. Maar het is niet genoeg. Uitbreiding en verzwaring zijn nodig op alle spanningsniveaus. De komende jaren moet één op de drie straten in Nederland open. Om het stroomnet van de toekomst te realiseren, zijn er veel nieuwe lijnen en kabels, nieuwe verdeelstations en nog meer middenspannningruimtes nodig.
Meer revisie in de sleuf, maar ook meer voorbereidend werk
De komende jaren gaan de budgetten hiervoor exponentieel stijgen; ze lopen in de vele miljarden euro’s. Maar het werk moet ook uitgevoerd worden en wel in een tempo dat vele malen hoger ligt dan nu het geval is. Al die exponentieel groeiende netuitbreidingen betekenen bovendien niet alleen veel meer werk voor revisie in de sleuf, maar ook voor al het voorbereidende werk.
Met alleen eigen mensen lukt dit de netbeheerders niet meer. Het is simpelweg te veel werk. Samenwerking met andere partijen is dus broodnodig. Daarbij zien we dat steeds meer werk richting de aannemers geschoven wordt: ook de voorbereidende werkzaamheden zoals het maken van detailontwerpen, het uitzetten van tracés en de afhandeling van de vergunningen worden meer en meer uitbesteed aan externe uitvoerders.
Strategische uitdagingen
Gouden tijden lijken dan ook aan te breken voor de aannemer. Langjarige en lucratieve contracten liggen in het verschiet. Maar het moet wel worden waargemaakt. Als aannemer moet je voldoen aan alle wensen en eisen van de netbeheerder en die zullen niet meer hetzelfde zijn als die van de afgelopen jaren. Bovendien heb je zelf ook te maken met een krappe arbeidsmarkt en een tekort aan technisch en uitvoerend personeel. Kortom, je staat met je kabel en leidingbedrijf voor een aantal belangrijke strategische uitdagingen:
- De hoeveelheid werk groeit explosief
Er komt niet alleen veel meer revisiewerk in de sleuf, maar ook de genoemde voorbereidende werkzaamheden moeten in toenemende mate door de aannemer worden uitgevoerd. - De verantwoordelijkheid schuift naar voren in de keten
Verbeterde en versnelde revisie in de sleuf gaat alleen goed werken, als de ontwerpen en tracétekeningen ook met hoge kwaliteit en in versneld tempo worden gemaakt. - Hoge datakwaliteit wordt een eis
De netbeheerders accepteren niet meer dat de gegevens uit het veld niet kloppen. - Het tempo moet omhoog
De netbeheerders hebben actuele informatie van hun net nodig voor hun diverse werkprocessen. Ze accepteren niet meer dat data pas een aantal weken of maanden na uitvoering is verwerkt in hun systemen.
Om dit waar te kunnen maken moet je als aannemer enkele rigoureuze stappen zetten. In de automatisering en digitalisering. In samenwerking met kennispartners in de keten. Én in afspraken. Wat hier als een rode draad doorheen loopt, is het datagedreven werken: het moment is daar om assets zoals kabels, leidingen, moffen en stations niet meer te beschouwen als tekening of kaart, maar als geografische data. Ofwel de stap van tekening naar data, in systeemtermen van CAD naar GIS. Het einde van het CAD-tijdperk voor kabels en leidingen is eindelijk en definitief aangekondigd. De data en de GIS-systemen zullen leidend worden.
NLCS++: gemeenschappelijke taal zorgt voor kantelpunt
Een belangrijke stap in dit kantelpunt heeft te maken met NLCS++ als gemeenschappelijke taal of beter gezegd als informatiemodel. NLCS++ voegt objecttypen, attributen, statussen en vooral ook de geometrie toe ten opzichte van de oude CAD-standaard NLCS. Door het toepassen van NLCS++ wordt automatische data-uitwisseling tussen betrokkenen mogelijk. Het aanleveren van de bestaande situatie (as_is) en het ontwerp (as_designed) van de netbeheerder aan de aannemer en het terugleveren door de aannemer van de aangepaste asset data uit het veld (as_built) aan de netbeheerder zal sneller, efficiënter en met hogere datakwaliteit plaatsvinden. De teruggeleverde data moet direct verwerkt worden in het GIS-systeem van de netbeheerder.
We nemen afscheid van de oude situatie waarbij je het veld in wordt gestuurd met tekeningen in verschillende formaten, tijden moet wachten op een ingehuurde landmeter, revisies niet kloppen met de gegevens in het GIS van de netbeheerder en je regelmatig in discussie moet gaan over wat er nou precies is aangelegd. We verwelkomen de nieuwe situatie waarin objecten correct gesplitst zijn, attributen volledig ingevuld zijn, alle validatieregels gevolgd zijn en de geplande en bestaande lagen precies op elkaar afgestemd zijn.
Welke oplossingen gaan werken?
Er komen meerdere oplossingen in de markt. Maar welke oplossingen gaan werken? Ik noem hieronder vijf belangrijke randvoorwaarden en licht toe hoe CGI LUNA hieraan voldoet.
LUNA van CGI ondersteunt NLCS++. LUNA is ontwikkeld in samenwerking met Stedin op basis van moderne en toekomstvaste IQGeo-technologie. We bouwen daar aan één platform en mobiele apps om alle data naar en vanuit het veld te kunnen verwerken. Dit geldt voor alle werkprocessen, zoals aanleg, huisaansluitingen, revisie, storingen en inspecties. Deze filosofie is vertaald naar LUNA voor de aannemer. Alle benodigde stappen, van ontwerp en vergunningen, naar revisie aan de sleuf en het uitvoeren van inspecties vanuit één platform. Geen aparte applicaties als eilanden met extra data-uitwisseling en ruis, fouten en tijdverlies als gevolg. De data die in stap 1 wordt gebruikt, gebruik en verrijk je in stap 2. En die gebruik en verrijk je weer voor stap 3.
Voor oplossingen in het veld is het cruciaal dat de eindgebruiker centraal staat en de gebruiksvriendelijkheid hoog is. Bij LUNA heeft dat topprioriteit. Daarvoor maken we gebruik van onze zogenaamde GeoUX-expertise, een zeer succesvolle samenwerking tussen Geo- en UX-experts binnen CGI. Wij en ook GIS-leveranciers zijn jarenlang bezig geweest om zoveel mogelijk functionaliteit in GIS-applicaties te stoppen. Dat doen we niet meer: we halen nu juist de knoppen weg! Dat is geheel in de geest van wijlen professor Koeman,
bij wie ik cartografie studeerde aan de Universiteit Utrecht. Professor Koeman hield niet van volle kaarten: ‘De kunst is om met zo min mogelijk gegevens, zoveel mogelijk te zeggen in de kaart’. Dat was nog in het analoge tijdperk; in het digitale tijdperk hebben we dit nu in LUNA vertaald naar een app die de gebruiker stap voor stap door het proces leidt en bij iedere stap alleen de knoppen toont die op dat moment nodig zijn.
Bij CGI vinden we dat de klant moet kunnen kiezen wat voor hem het beste past. Sommige klanten willen een app voor revisie aan de sleuf, anderen willen een oplossing voor de gehele keten. Er zijn ook klanten die het geïntegreerd met hun eigen informatiesystemen willen. LUNA is dan ook modulair opgezet. Als jouw bedrijf ‘revisie aan de sleuf’-projecten uitvoert, volstaat een SAAS-oplossing. Wil je meer met de data doen? Dan is een PAAS-oplossing misschien wel aantrekkelijker. Als jouw bedrijf ook in het voortraject activiteiten uitvoert, komen de ontwerp- en vergunningenmodule in beeld. CGI host de LUNA SAAS- en PAAS-oplossing op Europese servers. Maar het kan ook in je eigen cloud-omgeving. Via het platform kunnen er koppelingen met je eigen applicaties worden geïmplementeerd. Bijvoorbeeld met je ERP, Field service applicatie en applicaties als Meridian of blob storage, altijd dmv API’s of via deeplinks.
De basis van alle goede informatiesystemen is altijd de data en het datamodel. Je moet de data begrijpen. CGI werkt al jaren aan de GIS-systemen van de netbeheerders. We kennen de datamodellen en de data, weten welke geografie en topologie er nodig is, weten ook welke QM checks de netbeheerder in zijn GIS uitvoert. Al deze kennis komt nu zeer goed van pas om de gehele NLCS++ keten succesvol te doorlopen. En dat gaat verder dan alleen de revisie aan de sleuf.
Ten slotte nog één aspect dat niet zo vaak genoemd wordt, maar dat zeker in deze tijd cruciaal is. Met NLCS++ loop je als aannemer met data van kritische infrastructuur in het veld. Toegang tot die data moet goed zijn beveiligd. Data staat in de cloud, maar bij offline werken staat er ook data lokaal, dit om te garanderen dat de eindgebruiker in het veld altijd door kan met zijn werk. Dat mag niet op straat komen liggen. Soms baal ik van al die security-instellingen binnen mijn bedrijf. Maar nu voor LUNA ben ik blij dat we als CGI voldoen aan de hoogste security-eisen en we de netbeheerder en de aannemers deze hoogste beveiliging met LUNA kunnen bieden.
Ketentesten
Inmiddels vinden er overal testen en proeven plaats met NLCS++. Het is belangrijk voor de ketentest dat het gaat om de gehele keten en niet het testen van één stap in die keten. Die keten ziet er als volgt uit: data van het projectgebied gaat vanuit het GIS van de netbeheerder, via NLCS++, naar de sleuf. Vervolgens gaan je mensen in het veld de revisie inmeten, registreren, valideren en terugsturen in NLCSS++ naar de netbeheerder. Daar landt de data in het GIS en wordt het gepubliceerd, zodat voor alle geautoriseerde medewerkers van de netbeheerder de actuele data direct beschikbaar is.
Met Stedin en Heijmans hebben we in Amersfoort een eerste NLCS++ project succesvol doorlopen; met Enexis zijn we meer dan 20 middenspanning use cases aan het testen. En met Alliander onderzoeken we of er functionaliteit uit hun DAS-applicatie toegevoegd kan worden aan LUNA. Allemaal om te waarborgen dat de gehele keten werkt – ook voor de complexere werken in het veld – en dat de doelstellingen van NLCS++ worden behaald.
Gouden kans, stap nu in
Het energienet uitbreiden is misschien wel de grootste infrastructurele opgave van deze generatie. Geen enkele partij kan dit alleen. Succes hangt af van samenwerking met kennispartners, standaardisatie, datagedreven werken en tools die de keten écht ondersteunen. Dit is het moment om met je bedrijf aan te haken. Niet omdat het moet, maar omdat het een gouden kans is.
Wil je weten wat LUNA in jouw projecten kan betekenen? Of hoe je bedrijf het beste kan aansluiten op de nieuwe datagedreven werkwijze? Neem dan contact met me op. Ik denk graag mee!