Deniz Alper

Deniz Alper

Head of Emerging Technologies NL & AI Lead

Artificial Intelligence (AI) staat bij Nederlandse organisaties niet langer alleen op de innovatieagenda. Uit het 2026 CGI Voice of Our Clients-onderzoek, gebaseerd op 102 klantinterviews in Nederland, blijkt dat AI steeds nadrukkelijker wordt gekoppeld aan concrete bedrijfsdoelstellingen: hogere productiviteit, slimmere processen, betere besluitvorming en een sterkere dienstverlening aan klanten en burgers. De toon is ambitieus, maar ook opvallend nuchter. Klanten willen vooruit, zolang toepassingen aantoonbaar waarde leveren en beheerst kunnen worden opgeschaald.

Tegelijkertijd neemt de urgentie snel toe. De technologie ontwikkelt zich in hoog tempo, medewerkers experimenteren steeds vaker zelf met generatieve en agentic AI en nieuwe toepassingen komen sneller beschikbaar dan organisaties hun beleid, data en governance kunnen aanpassen. Daardoor dreigt een groeiende kloof tussen wat technisch mogelijk is en wat organisaties verantwoord kunnen inzetten. Afwachten is geen optie. Wie nu niet investeert in een duidelijke koers, loopt het risico dat versnipperde experimenten ontstaan, afhankelijkheden toenemen en waardevolle kennis verloren gaat.

De technologie ontwikkelt zich in hoog tempo, medewerkers experimenteren steeds vaker zelf met generatieve en agentic AI en nieuwe toepassingen komen sneller beschikbaar dan organisaties hun beleid, data en governance kunnen aanpassen.

De Nederlandse realiteit: ambitie botst op de fundering

Een terugkerend patroon is dat AI-ambities sneller groeien dan de benodigde basis van data, processen en technologie. Versnipperde gegevens, verouderde systemen, beperkte standaardisatie en onvoldoende integratie maken het moeilijk om betrouwbare oplossingen op schaal te realiseren. Een manager in de verzekeringssector zegt daarover: “De datakwaliteit is nog niet waar die moet zijn om betrouwbare AI-oplossingen te bouwen. We moeten dus eerst fors in de fundering investeren.”

Die fundering gaat verder dan technologie alleen. Nederlandse klanten wijzen ook op het belang van duidelijke verantwoordelijkheden, menselijk toezicht, privacy, uitlegbaarheid en controleerbaarheid. Zeker in publieke en sterk gereguleerde sectoren kan AI alleen duurzaam worden opgeschaald wanneer governance vanaf het begin onderdeel is van het ontwerp. Dat vraagt om meer dan een los ethisch kader of een review achteraf. Organisaties moeten vooraf vastleggen wie beslissingen neemt, hoe modellen worden gecontroleerd, welke data gebruikt mogen worden en wanneer menselijke tussenkomst noodzakelijk is.

De mens als sleutel tot verantwoorde AI-adoptie

Ook de menselijke kant krijgt veel aandacht. AI verandert niet alleen processen, maar ook functies, vaardigheden en verwachtingen. Medewerkers moeten begrijpen wat AI wel en niet kan, hoe zij uitkomsten beoordelen en waar risico’s ontstaan. Zonder gerichte training en verandermanagement bestaat het gevaar dat toepassingen technisch beschikbaar zijn, maar onvoldoende worden vertrouwd of verkeerd worden gebruikt. De schaarste aan data- en AI-expertise vergroot die druk.

Daarnaast kijken Nederlandse klanten kritisch naar de businesscase. Niet iedere nieuwe toepassing verdient automatisch investeringen. Een directeur in de dienstverleningssector waarschuwt voor “het volgende kostbare product, zonder levensvatbare businesscase of goede kosten-batenanalyse.” Die houding past bij een markt die experimenteren wil verbinden aan meetbare resultaten, duidelijke governance en blijvende operationele waarde.

De urgentie zit daarom niet in zo snel mogelijk zoveel mogelijk AI implementeren, maar zit in het tijdig opbouwen van de voorwaarden om gericht te kunnen versnellen. Organisaties die nu hun data, architectuur, governance en vaardigheden op orde brengen, creëren ruimte om kansrijke toepassingen sneller te herkennen en verantwoord op te schalen. Organisaties die dat uitstellen, lopen het risico achteraf kostbare correcties te moeten uitvoeren.

Nederland in internationaal perspectief

Dat beeld sluit aan op de globale 2026 VOC-resultaten. Wereldwijd heeft 40% van de organisaties een holistische AI-strategie; 49% werkt met AI-strategieën voor specifieke onderdelen van de organisatie. Slechts 11% ziet AI momenteel niet als focus. Bij 62% ligt de gekozen implementatiebenadering in het benutten van AI binnen kernprocessen. De beweging van losse pilots naar structurele toepassing is dus internationaal zichtbaar.

De Nederlandse nadruk op datakwaliteit, businesscases en gecontroleerde opschaling is daarom geen rem op innovatie, maar juist een voorwaarde om de volgende fase succesvol te bereiken.

Maar strategie en implementatie betekenen nog niet automatisch dat waarde wordt bewezen. Van de organisaties die generatieve AI verkennen of toepassen, kwantificeert wereldwijd 51% de resultaten. De Nederlandse nadruk op datakwaliteit, businesscases en gecontroleerde opschaling is daarom geen rem op innovatie, maar juist een voorwaarde om de volgende fase succesvol te bereiken.

Wat betekent dit voor organisaties en hun dienstverlening?

Voor besluitvormers betekent dit dat AI niet als een afzonderlijk technologieprogramma kan worden behandeld. De werkelijke impact ontstaat wanneer AI wordt verbonden met de manier waarop de organisatie werkt en waarde levert. Dat kan leiden tot snellere dienstverlening, kortere doorlooptijden, meer gepersonaliseerde interacties en betere ondersteuning van medewerkers. Tegelijkertijd verandert ook de verwachting van klanten en burgers: zij zullen steeds vaker directe, relevante en consistente dienstverlening verwachten, zonder concessies aan betrouwbaarheid, privacy of menselijk contact.

Dat vraagt om scherpe keuzes. Niet ieder proces hoeft met AI te worden vernieuwd en niet iedere toepassing hoeft direct organisatiebreed te worden uitgerold. Het vertrekpunt moet de gewenste uitkomst zijn: welk probleem wordt opgelost, voor wie ontstaat waarde en hoe wordt die waarde gemeten? Daarbij moeten organisaties ook bepalen waar automatisering passend is en waar professioneel oordeel of menselijke interactie essentieel blijft.

De organisaties die succesvol zullen zijn, combineren daarom technologische snelheid met organisatorische discipline. Zij bouwen aan betrouwbare data, heldere governance en nieuwe vaardigheden, maar herontwerpen ook processen en dienstverlening rond de mogelijkheden van AI. Zo wordt AI geen los experiment, maar een middel om de organisatie wendbaarder, productiever en relevanter te maken. De belangrijkste vraag voor bestuurders is daarmee niet langer óf AI hun dienstverlening zal veranderen, maar welke keuzes zij vandaag moeten maken om die verandering verantwoord te sturen.

Over de auteur

Deniz Alper

Deniz Alper

Head of Emerging Technologies NL & AI Lead

Deniz Alper is Head of Emerging Technologies bij CGI Nederland, waar hij verantwoordelijk is voor het ontwikkelen, vermarkten en succesvol realiseren van innovatieve technologische oplossingen over verschillende sectoren. Hij richt zich op het vertalen van emerging technologies, waaronder GenAI en Agentic AI, naar schaalbare oplossingen ...